De eerste kunstijsbanen dateren uit de jaren zestig.

De eerste 400 meter kunstijsbaan, de Jaap Eden baan, gebouwd in 1961, bestond uit een 400 meter wedstrijdbaan voor

langebaanschaatsen en een rechthoekige baan voor ijshockey en kunstrijden.

In de jaren daarna zijn er, dankzij de popularisering van de schaatssport en, wellicht, de afname van natuurijs,

nog twaalf 400 meter banen gerealiseerd in Nederland.

De nieuwste kunstijsbanen staan in Hoorn en Enschede, en bestaan uit een overdekte 400 meter baan met in het midden een

60x30 meter ijsvloer.

Er zijn nieuwe kunstijsbanen gepland in Dordrecht (2010), Tilburg (2009), Alphen a/d Rijn en Rotterdam (2016).

 

Zeeland kent als enige provincie in Nederland nog geen kunstijsbaan.

Er zijn in het verleden particuliere initiatieven ontwikkeld binnen het stadsgewest Middelburg/Vlissingen, deze hebben

echter niet tot concrete resultaten geleid.

Ten behoeve van dit plan is een Quick-Scan uitgevoerd door adviesburo Drijver en Partners, uitgebracht in november 2002.

 

Naar aanleiding hiervan heeft de wethouder van het stadsgewest Middelburg/Vlissingen advies gevraagd aan de

Zeeuwse Sportraad in 2003, (nu SportZeeland geheten).

De Zeeuwse Sportraad heeft zich negatief advies geadviseerd, zich beroepend op gesprekken met deskundigen.

Daarop hebben het stadsgewest en de provincie Zeeland besloten af te zien van "een rol bij de realisatie van een

kunstijsbaan˝

(brief van gedeputeerde Staten aan het kunstijsbaancomitee d.d 16 april 2004)

 

In 2007 is er een nieuwe studie uitgevoerd door Hopmans Andres Consultants in opdracht van de KNSB naar de

mogelijkheden van nieuwe kunstijsbanen in Nederland.

Daarin wordt gesteld dat er in Zeeland wel degelijk een kunstijsbaan mogelijk is.

De KNSB onderscheidt drie soorten kunstijsbanen op basis van investeringskosten; een ijshal met 60x30 meter ijsvloer,

een 333 meter wedstrijdbaan met daarbinnen een 60x30 meter ijsvloer en een 400 meter wedstrijdbaan met daarbinnen

een 60x30 meter ijsvloer, semi-overdekt of volledig overdekt.

In de laatste is klimaatregeling mogelijk, waardoor er snellere tijden gerealiseerd kunnen worden (Heerenveen).

Meer houvast inzake de te verwachten bezoekersaantallen van een kunstijsbaan biedt het KNSB rapport ‘Ruimte voor kunstijs’.

Uitgebracht in april 2008.

De onderzoekers hanteren voor het berekenen van het aantal recreactieve bezoekers crireria die zijn afgeleid van de bestaande kunstijsbanen in Nederland.

De meeste frequente bezoekers blijven te wonen binnen een straal van 10 kilometer rondom de ijsbaan.

Minder frequent zijn bezoekers die daar buiten wonen, maar nog wel binnen een straal van 20 kilometer.

Bezoekers buiten een straal van 20 kilometer worden niet betrokken in het bezoekersaantal.

Uit de praktijk is bovendien gebleken dat het aanbod van kunstijsbanen de vraag geheel bepaald, met andere woorden,       als er een kunstijsbaan wordt aangelegd ontstaat er vanzelf bezoekersaanbod.

 

Als we deze berekening willen hanteren voor de Zeeuwse situatie zijn hierbij twee kanttekeningen te plaatsen.

In de eerste plaats kent Zeeland nauwelijks verkeerknelpunten, zeker niet als de kunstijsbaan dicht bij de A 58 is gesitueerd.

De primaire (10 kilometer) en de secundaire (20 kilometer) ringen, vertaald in aanrijtijden, zouden dus in Zeeland ruimer genomen kunnen worden.

In de berekening van het aantal  bezoekers voor de Zeeuwse kunstijsbaan is daarom gekozen voor ringen van 20 resp. 30 kilometer.

Ten tweede zij opgemerkt dat er ook buiten de ring van 30 kilometer nog potentiele bezoekers zullen zijn, omdat de dichtsbijzijnde kunstijsbaan (Breda, noordoostelijk) op meer dan 80 kilometer van het centrum van Zeeland ligt.

Omdat hierover geen ervaringcijfers bekend zijn, is voorzichtigheidshalve besloten deze groep bezoekers buiten beschouwing te laten.

 

Naast recreatieve bezoekers is een kunstijsbaan mede afhankelijk van verenigingschaatsers.

De zijn (sportieve) schaatsers die bij een vereniging zijn aangesloten en frequent de baan bezoeken.

Zij maken gebruik van goedkopere arrangementen.

Dat geld ook voor scholieren.

Een aangename bijkomstigheid is de aanwezigheid van een CIOS is Goes, waarmee bijzondere projecten kunnen worden geïnitieerd. (schoolschaatsen)

 

Daarnaast zijn er nog toeristen in Zeeland die mogelijk de ijsbaan zullen bezoeken.

Ten slotte zijn er uren waarop een ijsbaan exclusief wordt verhuurd ten bate van wedstrijden en KNSB trainingen.